Duiding


Ziekte van Alzheimer: memantine effectief voor agitatie en agressie?


15 04 2014

Zorgberoepen

Duiding van
Herrmann N, Gauthier S, Boneva N, Lemming OM; 10158 Investigators. A randomized, double-blind, placebo-controlled trial of memantine in a behaviorally enriched sample of patients with moderate-to-severe Alzheimer's disease. Int Psychogeriatr 2013;25:919-27.


Besluit
Uit deze vroegtijdig beëindigde RCT blijkt dat het niet nuttig is om memantine toe te voegen aan cholinesterase-inhibitoren voor de vermindering van agitatie en agressie en voor de verbetering van cognitieve capaciteiten bij personen met een matige tot ernstige vorm van Alzheimer en met een hoge aanvangsscore voor agitatie en agressie.


 


Tekst onder de verantwoordelijkheid van de Franstalige redactie

 

 

Minerva publiceerde al verschillende besprekingen van studies over het effect van memantine bij de ziekte van Alzheimer.

Memantine vermindert de klinische achteruitgang van personen met matige tot ernstige vorm van de ziekte van Alzheimer volgens 1 studie gepubliceerd in 2003 (1). Bij de bespreking van deze studie besloten we dat het effect klinisch zeer gering was (2).

 

In een meta-analyse van de Cochrane Collaboration (2006) vermelden de auteurs afzonderlijk de resultaten voor agitatie bij dementie (3). Deelnemers die memantine nemen hebben lichtjes minder kans om agitatie te ontwikkelen: 7,7% (134/1 739) van de deelnemers in de memantinegroep versus 9,3% (175/1 873) in de placebogroep; OR 0,78 met 95% BI van 0,61 tot 0,99; p=0,04. Bij de deelnemers met een matige tot ernstige vorm van de ziekte van Alzheimer is het effect iets groter, maar het blijft beperkt: 12% (58/506) versus 18% (88/499); OR 0,6 met 95% BI van 0,42 tot 0,86; p = 0,005. Er is geen bewijs voor een effect op al aanwezige agitatie.

 

Schneider publiceerden in 2011 een meta-analyse van goede methodologische kwaliteit (4). Bij een lichte vorm van de ziekte van Alzheimer had memantine geen effect op de meeste uitkomstmaten, niet in de verschillende originele studies en niet bij het poolen van de resultaten in de meta-analyse. Bij de matige tot ernstige vorm scoorde memantine significant beter op de ADAS-cog dan placebo, maar het verschil was kleiner dan de klinisch relevante drempel van 7 punten voor deze score. Bij de bespreking van deze meta-analyse wezen we op het feit dat de ongewenste effecten van memantine niet aan bod kwamen in deze meta-analyse en dat deze ongewenste effecten vooral neuropsychische problemen zijn (hallucinaties, verwardheid, vertigo, hoofdpijn), geringe dopaminerge effecten, atropine-effect, hartfalen en convulsies) (5).

 

In 2013 verscheen een nieuwe paralellelgroepen RCT over het effect van memantine bij 369 deelnemers met matig tot ernstige vorm van de ziekte van Alzheimer (6). Daarnaast moesten de deelnemers een totale score op de NPI hebben van minstens13 (Neuropsychiatric Inventory) en een score op agitatie/agressie van de NPI van minstens 1. De gemiddelde leeftijd in deze studie was 75 jaar en de MMSE-score varieerde van 5 tot 15 (gemiddeld 12). De meeste deelnemers kregen een cholinesterase-inhibitor voorgeschreven, met daarnaast eventueel antipsychotica, antidepressiva, sedativa/hypnotica en andere geneesmiddelen. De interventie bestond uit memantine getitreerd tot 20 mg per dag (n=182) versus placebo (n=187) gedurende 24 weken. 83% van de deelnemers voltooide de studie en meer dan 98% was voor minstens 75% therapietrouw. De auteurs moesten de studie vroegtijdig stoppen wegens rekruteringsproblemen, waardoor ze de vooropgestelde power van 80% niet konden halen. De onderzoeksgroepen verschilden op enkele initiële kenmerken.

In beide groepen verbeterde het gedrag, terwijl de cognitieve functie achteruitging. Zowel voor de primaire uitkomstmaten (globale NPI en globale SIB) als voor de secundaire uitkomstmaten is er geen statistisch significant verschil tussen memantine en placebo. In de memantinegroep stopten meer deelnemers dan in de placebogroep (8% versus 5%).

De studiecontext zou ook een verklaring kunnen zijn voor de verbetering van het gedrag (met een grotere verbetering in de placebogroep op de globale NPI): meer aandacht geven aan de deelnemers door een striktere klinische opvolging, een stimulerende omgeving en psychosociale ondersteuning kunnen een gunstig effect teweegbrengen.

 

Besluit

Uit deze vroegtijdig beëindigde RCT blijkt dat het niet nuttig is om memantine toe te voegen aan cholinesterase-inhibitoren voor de vermindering van agitatie en agressie en voor de verbetering van cognitieve capaciteiten bij personen met een matige tot ernstige vorm van Alzheimer en met een hoge aanvangsscore voor agitatie en agressie.

 

 

 

Afkortingen :

ADAS-cog : Alzheimer Disease Assessment Scale–cognitive subscale

NPI : Neuropsychiatric Inventory

SIB : Severe Impairment Battery;

MMSE: Mini-Mental State Examination

 

 

Referenties

  1. Reisberg B, Doody R, Stöffler A, et al. Memantine in moderate-to-severe Alzheimer’s Disease. N Engl J Med 2003;348:1333-41.
  2. Vermeire E. Memantine bij de ziekte van Alzheimer. Minerva 2003;2(7):109-11.
  3. McShane R, Areosa Sastre A, Minakaran N. Memantine for dementia. Cochrane Database Syst Rev 2006, Issue 2.
  4. Schneider LS, Dagerman KS, Higgins JP, McShane R. Lack of evidence for the efficacy of memantine in mild Alzheimer disease. Arch Neurol 2011;68:991-8.
  5. Chevalier P. Memantine in monotherapie: nog steeds geen bewijs van een gunstig effect. Minerva online 28/09/2011.
  6. Herrmann N, Gauthier S, Boneva N, Lemming OM; 10158 Investigators. A randomized, double-blind, placebo-controlled trial of memantine in a behaviorally enriched sample of patients with moderate-to-severe Alzheimer's disease. Int Psychogeriatr 2013;25:919-27.

 

 

 

Ziekte van Alzheimer: memantine effectief voor agitatie en agressie?



Commentaar

Commentaar