Zoek

   Gericht zoeken   

Schrijf u in op de Alert Newsletter



Minerva promoot als tijdschrift voor Evidence-Based Medicine de verspreiding van onafhankelijke, wetenschappelijke informatie en brengt een kritische duiding van relevante publicaties uit de internationale literatuur.


Inhoud juli 2016


Therapietrouw: mens en techniek

Pagina 134 - pagina 135 

Laekeman G.  


Vereenvoudigde vorm van slaaprestrictie als behandeling van slapeloosheid in de eerste lijn

Pagina 136 - pagina 139 

Declercq T.  

Deze methodologisch correct opgezette RCT toont aan dat een vereenvoudigde vorm van cognitieve gedragstherapie met toepassen van slaaprestrictie in de eerste lijn na 6 maanden tot een statistisch significant grotere verbetering van slaapkwaliteit leidt dan alleen slaapadvies. De klinische relevantie van het effect, alsook de duurzaamheid en de generaliseerbaarheid is echter onduidelijk.


Levodropropizine, werkzaam tegen hoesten?

Pagina 140 - pagina 142 

De Sutter A.  

Uit deze systematische review kunnen we niets besluiten over de effectiviteit en de veiligheid van levodropropizine. De beschikbare studies zijn klinisch zeer heterogeen, hebben een onduidelijke methodologische kwaliteit en tonen tegenstrijdige resultaten.


Extracorporale schokgolftherapie voor de behandeling van chronische fasciitis plantaris?

Pagina 143 - pagina 146 

Poelman T., Vermeersch V.  

De auteurs besluiten dat de resultaten van de huidige studie bewijzen dat gefocusseerde extracorporale schokgolftherapie zonder lokale verdoving een klinisch relevant effect heeft met een succesratio van 50% tot 65% voor de behandeling van therapieresistente fasciitis plantaris.


Aripiprazol toevoegen aan therapieresistente majeure depressie bij volwassenen ouder dan 60 jaar?

Pagina 147 - pagina 150 

De Winter F.L., Van Buggenhout R.  

Deze gerandomiseerde placebogecontroleerde studie bij patiënten ouder dan 60 jaar met therapieresistente matig ernstige majeure depressie na behandeling met een hoge dosis venlafaxine toont aan dat de toevoeging van een lage dosis aripiprazol op korte termijn de kans op remissie vergroot ten koste van een toename aan extrapyramidale ongewenste effecten zoals acathisie en parkinsonisme.


Bisfosfonaten als adjuvante behandeling voor borstkanker?

Pagina 151 - pagina 154 

Cocquyt V., Denys H., Kruse V.  

Deze meta-analyse van RCT’s uit één gegevensbank toont aan dat bisfosfonaten als adjuvante behandeling van vroegtijdige borstkanker zonder metastasen bij postmenopauzale vrouwen botmetastasering en borstkankergerelateerde mortaliteit verlaagt. De balans tussen klinische meerwaarde en ongewenste effecten is nog niet duidelijk. Ook het optimale behandelingsschema moet verder onderzocht worden.


Herhaalde metingen, hoe analyseren?

Pagina 155 - pagina 157 

Michiels B., Poelman T.  


Editoriaal


Therapietrouw: mens en techniek


Berichten via mobiele telefoon zijn een doeltreffend middel om patiënten te helpen herinneren aan de inname van hun medicatie. Dat blijkt uit een meta-analyse van 16 klinische studies met 2 654 patiënten. Een telefonisch bericht via het mobieltje verhoogde de kans op therapietrouw met een factor 2,11 (95% BI van 1,52 tot 2,93) ten opzichte van de gewone zorg of een simpel geluidssignaal (1).

Deze vaststelling brengt ons bij het begrip therapietrouw, het belang ervan en de mogelijke middelen waarmee we het trouw innemen van medicatie kunnen bevorderen.

Therapietrouw dekt vele ladingen. In de internationale literatuur werd het gelanceerd als compliance. Maar het woord compliance doet ons te sterk denken aan éénrichtingsverkeer: de patiënt moet de voorgeschreven geneesmiddelen innemen zoals wij dat zeggen. Gebeurt dat niet, dan verbreekt hij de goede relatie met arts en apotheker en dan zijn wij niet meer verantwoordelijk voor therapiefalen. Deze manier van communiceren past bij het ‘medisch model’. Adherence klinkt al een stuk relatie-vriendelijker. Het wijst op een actieve betrokkenheid van de patiënt, waarbij patiënt en zorgverstrekker samenwerken rond eenzelfde therapeutisch doel. Dit concept leunt aan bij het ‘educatief model’: we betrekken de patiënt als een leerling bij het instellen van een therapie (2,3). Concordance gaat nog een stap verder. Hier heeft onze patiënt een gelijkwaardige stem bij het instellen van de therapie. We onderhandelen als het ware een therapie-opzet. Dit concept kreeg het epitheton ‘self empowerment model’ mee (4,5). Medisch, educatief of self empowerment model: we mogen geen van de drie als ideaal naar voor schuiven. De uiteindelijke keuze voor een model hangt onder andere af van de efficiëntie van de patiënt, meer bepaald de wijze waarop de patiënt (of zijn omgeving) instructies omzet in daadwerkelijk handelen.

De literatuur houdt ons voor dat niet, of niet trouw innemen van medicatie mensenlevens kost. Schattingen van het aantal ziekenhuisopnames door gebrekkige therapietrouw lopen uiteen. Benaderende berekeningen van economische verliezen in de gezondheidszorg als gevolg van therapie-ontrouw leiden soms tot spectaculaire cijfers. Eén bron schat de extra kosten in de Verenigde Staten op ongeveer 2 000 US$ per patiënt per jaar (6). Laten we hopen dat het niet zo’n vaart loopt in ons land. Een meta-analyse van de Cochrane Collaboration stelt dat we met het verbeteren van therapietrouw een hoger rendement in de gezondheidszorg kunnen bereiken, dan met gelijk welke (innovatieve) verbetering van een specifieke behandeling (7). Minerva vroeg al eerder aandacht voor het belang van therapietrouw. Patiënten die antihypertensiva trouw innemen (minstens 80% van de voorgeschreven dosis), verminderden hun risico op cardiovasculaire accidenten met 38% (OR 0,62; 95% van 0,40 tot 0,96). Hierbij speelden een hoge risicostatus en het moeten innemen van meerdere geneesmiddelen eerder een positieve dan een negatieve rol (8). Een straf verhaal is dat van de secundaire analyse van de Charm-studie over het toevoegen van een angiotensine-II-antagonist of placebo aan de behandeling bij patiënten met hartfalen. Wie trouw placebo innam, had meer kansen op overleving dan wie ontrouw het geneesmiddel gebruikte (9,10).

Zorgverstrekkers kunnen mee ondersteunend werken om therapietrouw te bevorderen. Inzetten van apothekers in het begeleiden van patiënten met hypertensie bleek niet tot significant meer therapietrouw te leiden (mogelijks door een tekort aan power), maar wel tot een significant sterkere daling van de bloeddruk (11). Apothekers kunnen ook bij COPD-patiënten de techniek voor het gebruik van inhalatiemedicatie verbeteren en hun therapietrouw verhogen (12). Twee- tot viermaandelijks telefonisch contact met patiënten die veel geneesmiddelen moeten slikken, verminderde de mortaliteit (13).

De Vlaamse overheid nam met Vitalink een initiatief waarmee artsen, verpleegkundigen en apothekers kunnen samenwerken rond het medicatieschema van hun patiënten met de bedoeling kwaliteitsvolle, eenduidige en correcte informatie te verstrekken (14). In Wallonië en in het Brussels Gewest zijn met het netwerk Santé Wallon (15) en met het gezondheidsnetwerk Abrumet (16) gelijkaardige initiatieven actief. Informatietechnologie kan een handje toesteken via applicaties op de mobiele telefoon (17). Mits het geven van een eHealthConsent kan de patiënt aan de apotheker toegang verlenen tot zijn farmaceutisch dossier (= geneesmiddelen afgeleverd in een openbare apotheek). Deze toegang maakt specifieke begeleiding van de therapie mogelijk in elke apotheek (18). Apothekers en artsen kunnen - in samenspraak met de patiënt - toestelletjes programmeren met reminders en zo een medicatiedagschema voor de patiënt samenstellen. Deze taak kan ook gedelegeerd worden naar de producent van het toestel, maar dat roept nog ethische en juridische vragen op.

 

Conclusie

Het instellen van een medicamenteuze therapie eindigt niet met het voorschrijven en afleveren van medicatie. Voorbeelden en statistieken wijzen op het belang van het correct uitvoeren van medicatieschema’s, waarbij de patiënt idealiter een actieve rol speelt. Technische hulpmiddelen kunnen helpen om medicatie te gebruiken zoals het hoort. Hierbij moeten we wel aandacht blijven geven aan de privacy van de patiënt.

 

 

Referenties

  1. Thakkar J, Kurup R, Laba TL, et al. Mobile telephone text messaging for medication adherence in chronic disease: a meta-analysis. JAMA Intern Med 2016;176:340-9.
  2. Osterberg L, Blaschke T. Adherence to medication. N Engl J Med 2005;353:487-97.
  3. Ho PM, Bryson CL, Rumsfeld JS. Medication adherence: its importance in cardiovascular outcomes. Circulation 2009;119:3028-35.
  4. Taube KM. Patient–doctor relationship in dermatology: from compliance to concordance. Acta Derm Venereol 2016;Suppl 217:25-29.
  5. Randall S, Neubeck L. What's in a name? Concordance is better than adherence for promoting partnership and self-management of chronic disease. Aust J Prim Health 2016. doi: 10.1071/PY15140.
  6. Chrisholm-Burns MA, Spivey CA. The ‘cost’ of medication nonadherence: consequences we cannot afford to accept. J Am Pharm Assoc 2012;52:823-6.
  7. Haynes RB, McDonald H, Garg AX, Montague P. Interventions for helping patients to follow prescriptions for medications. Cochrane Database Syst Rev 2002, Issue 2.
  8. De Cort P, Laurys I. Antihypertensiva: invloed van therapietrouw op morbiditeit. Minerva bondig 28/04/2011.
  9. Granger BB, Swedberg I, Ekman I, et al. Adherence to candesartan and placebo and outcomes in chronic heart failure in the CHARM programme: double blind, randomised, controlled clinical trial. Lancet 2005;366:2005-11.
  10. Laekeman G, Van Driel M. Door trouw aan placebo leef je langer. [Editoriaal] Minerva 2006;5(9): 137.
  11. Laekeman G. Apothekers die therapietrouw voor antihypertensiva bevorderen: een gemengd resultaat. Minerva bondig 15/10/2015.
  12. Laekeman G. Apothekers en COPD-patiënten: een hoopvol perspectief. Minerva bondig 17/12/2015.
  13. Laekeman G. Een telefoontje van de apotheker: levensverlengend? Minerva 2007;6(4):63-5.
  14. Vitalink: http://www.eenlijn.be/index/vitalink. (Website geraadpleegd op 20 juni 2016.)
  15. https://www.reseausantewallon.be/FR/professionals/Pages/default.aspx. (Website geraadpleegd op 30 juni 2016.)
  16. https://www.abrumet.be/NL/professionals/Pages/default.aspx. (Website geraadpleegd op 30 juni 2016.)
  17. Rxmindme: http://thenextweb.com/apps/2011/10/18/rxmindme-for-iphone-is-the-ideal-app-to-help-you-take-your-pills-on-time/#gref. (Website geraadpleegd op 29 mei 2016.)
  18. Farma Flux: http://www.farmaflux.be/?asp_faq=hoe-geeft-de-patient-zijn-toestemming-om-zijn-medicatiehistoriek-te-delen#overzicht. (Website geraadpleegd op 29 mei 2016.)

 

 

 


Download het volledige nummer in pdf-formaat


Laatste update website: 15/07/2016