Bondige bespreking


Is adenoïdectomie effectief voor de preventie van recidiverende bovenste luchtweginfecties?


  • 0
  • 0
  • 0
  • 0



28 04 2012

Duiding van
van den Aardweg MT , Boonacker CW, Rovers MM, et al. Effectiveness of adenoidectomy in children with recurrent upper respiratory tract infections: open randomised controlled trial. BMJ 2011;343:d5154.


Besluit
Aansluitend bij de resultaten van vorige studies toont deze studie aan dat een snelle adenoïdectomie niet superieur is aan een afwachtend beleid voor de preventie van recidiverende bovenste luchtweginfecties bij kinderen.



 

 

Minerva publiceerde in 2004 een duiding van een RCT (Koivunen et al.) over het nut van adenoïdectomie voor recidiverende otitis media (OMA) bij kinderen jonger dan twee jaar (1,2). Deze studie toonde aan dat adenoïdectomie geen preventief effect heeft op recidiverende episoden van OMA. De resultaten van deze RCT sloten aan bij de bevindingen van een oudere studie (1999) bij kinderen van 3 tot 15 jaar (3). Adenoïdectomie of geïsoleerde adenotonsillectomie (zonder plaatsing van trommelvliesbuisjes) hadden in deze studie geen nut voor de preventie van recidiverende OMA.

Een review van de Cochrane Collaboration onderzocht het nut van adenoïdectomie bij kinderen met chronische nasale symptomen (dus niet alleen bij otitis media met effusie) (4). De review includeerde slechts twee studies: de bovenvermelde RCT van Koivunen et al. en een oudere studie (5). De auteurs besloten dat de wetenschappelijke onderbouwing van adenoïdectomie bij nasale symptomen gering is. Conclusies formuleren leek toen onmogelijk.

 

Verschillende auteurs van deze Cochrane review werkten mee aan een open-label RCT en publiceerden in 2011 hun resultaten (6). Ze includeerden 111 kinderen tussen 1 en 6 jaar (mediane leeftijd van 36 en 38 maanden in beide onderzoeksgroepen) met recidiverende bovenste luchtweginfecties (BLWI) die in aanmerking kwamen voor adenoïdectomie (met of zonder paracentese). De studie werd uitgevoerd op de NKO-afdelingen van elf algemene en twee academische ziekenhuizen in Nederland. Kinderen die reeds een adenoïdectomie of adenotonsillectomie ondergingen, kinderen met trommelvliesbuisjes (of een indicatie hiervoor), het syndroom van Down of met craniofaciale afwijkingen waren geëxcludeerd. De auteurs vergeleken het effect van een snelle adenoïdectomie (binnen de zes weken) met een afwachtend beleid. De evaluatie gebeurde zorgvuldig (vragenlijsten over kwaliteit van leven, NKO-onderzoek inclusief nasendoscopie en bloedafname voor allergenen). De ouders namen iedere dag de temperatuur op en noteerden alle klachten en gebeurtenissen in verband met de ziekte in een dagboek. De primaire uitkomstmaat bestond uit het aantal BLWI’s per kind per jaar gedurende de follow-up-periode (maximum twee jaar). 54 kinderen ondergingen een adenoïdectomie en bij 57 kinderen voerde men een afwachtend beleid. In de adenoïdectomiegroep deden zich per persoonjaar 7,91 BLWI’s voor en in de groep met afwachtend beleid 7,84, een verschil van 0,07 met een 95% BI van -0,70 tot 0,85, wat betekent dat het verschil niet significant was, noch in het eerste, noch in het tweede jaar. Er waren ook geen verschillen in kwaliteit van leven, het aantal dagen met een BLWI of het aantal episodes met middenoorklachten met koorts. Het aantal BLWI’s verminderde in beide groepen geleidelijk met de tijd. Kinderen die een adenoïdectomie ondergingen hadden significant meer dagen koorts. Antibiotica of symptomatische behandelingen kwamen in deze studie niet aan bod, waardoor we niets kunnen besluiten over de plaats van deze behandelingen.

 

Besluit

Aansluitend bij de resultaten van vorige studies toont deze studie aan dat een snelle adenoïdectomie niet superieur is aan een afwachtend beleid voor de preventie van recidiverende bovenste luchtweginfecties bij kinderen.

 

 

Referenties

  1. Chevalier P. Rol voor adenoïdectomie in recidiverende OMA bij jonge kinderen? Minerva 2004;3(7):116-8.
  2. Koivunen P, Uhari M, Luotonen J, et al. Adenoidectomy versus chemoprophylaxis and placebo for recurrent acute otitis media in children aged under 2 years: randomised controlled trial. BMJ 2004;328:487-91.
  3. Paradise JL, Bluestone CD, Colborn DK, et al. Adenoidectomy and adenotonsillectomy for recurrent acute otitis media. Parallel randomized clinical trials in children not previously treated with tympanostomy tubes. JAMA 1999;282:945-53.
  4. van den Aardweg MT, Schilder AG, Herkert E, et al. Adenoidectomy for recurrent or chronic nasal symptoms in children. Cochrane Database Syst Rev 2010, Issue 1.
  5. Rynnel-Dagöö B, Ahlbom A, Schiratzki H. Effects of adenoidectomy: a controlled two-year follow-up. Ann Otol Rhinol Laryngol 1978;87(2 Part 1):272–8.
  6. van den Aardweg MT, Boonacker CW, Rovers MM, et al. Effectiveness of adenoidectomy in children with recurrent upper respiratory tract infections: open randomised controlled trial. BMJ 2011;343:d5154.
Is adenoïdectomie effectief voor de preventie van recidiverende bovenste luchtweginfecties?

Auteurs

Chevalier P.
médecin généraliste

Woordenlijst



Commentaar

Commentaar