Bondige bespreking


Urineweginfecties bij mannen: maximum 7 dagen antimicrobiële therapie?


  • 0
  • 0
  • 0
  • 0



15 11 2013

Duiding van
Drekonja DM, Rector TS, Cutting A, et al. Urinary tract infection in male veterans: treatment patterns and outcomes. JAMA Intern Med 2013;173:62-8.


Besluit
Dit observationeel onderzoek includeert ongeveer 33 000 mannen met een episode van lage urineweginfecties. In vergelijking met een kortdurende behandeling, neemt bij een 7 dagen durende antibioticabehandeling het aantal recidieven niet af, noch binnen de 30 dagen, noch na 30 dagen. Het aantal recidieven na 30 dagen neemt echter toe en misschien ook het aantal Clostridium difficile-infecties. Deze resultaten vragen om bevestiging in een RCT.


 


Tekst onder de verantwoordelijkheid van de Franstalige redactie

 

 

De Belgische gids voor anti-infectieuze behandeling in de ambulante praktijk (BAPCOC) beveelt bij ongecompliceerde cystitis bij de vrouw een anti-infectieuze behandeling aan van 3 dagen en bij diabetes of recidiverende infecties 7 dagen (1). Minerva verwees in een duiding (2) ook naar deze aanbeveling, die gebaseerd is op de Belgische richtlijnen over cystitis bij de vrouw (3) en op meer recente literatuur.

In 2005 publiceerde Minerva een duiding van een RCT over de duur van een antibioticumbehandeling voor ongecompliceerde cystitis bij oudere vrouwen, geselecteerd op basis van een positief urinestaal (4,5). Drie dagen behandelen met ciprofloxacine 250 mg 2 maal per dag was even effectief als 7 dagen behandelen op het vlak van microbiologische en klinische uitkomsten. Verder onderzoek met een eerste keuze antibioticum of antisepticum moet dit resultaat bevestigen.

Voor de behandeling van lage urineweginfecties bij mannen is er evenmin een consensus over de duur. Experten raden over het algemeen een behandeling aan van 7 tot 14 dagen. De Europese richtlijnen bevelen eerder 7 dagen aan (6,7) en de Amerikaanse eerder 14 dagen (8). De duur van de behandeling bij prostatitis ligt volgens deze richtlijnen tussen 2 en 4 weken.

De JAMA publiceerde in 2013 een observationeel onderzoek over de behandeling van urineweginfecties in de ambulante setting bij 33 000 veteranen (V.S.A.) met een gemiddelde leeftijd van 67,9 jaar (9). De meest courante behandelingen waren ciprofloxacine of co-trimoxazol, terwijl nitrofurantoïne, amoxicilline of amoxiclavulaanzuur en levofloxacine minder gebruikelijk waren. Een langere behandelingsduur (>7 dagen) verminderde in vergelijking met een kortdurende behandeling (≤7 dagen) het aantal recidiverende urineweginfecties niet, noch op korte termijn (<30 dagen), noch op lange termijn (>30 dagen). De langerdurende behandeling gaf wel meer aanleiding tot later herval (zowel in de uni- als in de multivariate analyses) en tot een verhoogd risico van Clostridium difficile-infecties (diagnose bij slechts 0,4% van de totale groep). In een andere cohortstudie waren de veteranen gemiddeld 59 jaar oud (SD 10) (10).

In dit observationeel onderzoek biedt langer dan 7 dagen antibiotica toedienen voor de behandeling van urineweginfecties bij mannen geen voordeel ten opzichte van een korterdurende behandeling. Over welke infecties het precies gaat, is niet vermeld in de publicatie (cystitis, prostatitis, andere…). Net zoals de auteurs wijzen we op de nood aan een RCT om de werkzaamheid en de veiligheid van verschillende therapeutische schema’s van antibiotica te vergelijken bij mannen met urineweginfecties, onder meer wat betreft de duur.

 

Besluit

Dit observationeel onderzoek includeert ongeveer 33 000 mannen met een episode van lage urineweginfecties. In vergelijking met een kortdurende behandeling, neemt bij een 7 dagen durende antibioticabehandeling het aantal recidieven niet af, noch binnen de 30 dagen, noch na 30 dagen. Het aantal recidieven na 30 dagen neemt echter toe en misschien ook het aantal Clostridium difficile-infecties. Deze resultaten vragen om bevestiging in een RCT.

 

Referenties

  1. BAPCOC. Belgische gids voor anti-infectieuze behandeling in de ambulante praktijk. Editie 2012.
  2. Chevalier P. Fosfomycine voor de behandeling van cystitis? Minerva 2011;10(3);28-9.
  3. Christiaens T, Callewaert L. Aanbevelingen voor een goed gebruik van antibiotica. Cystitis bij de vrouw. WVVH – BAPCOC – SSMG 2001.
  4. De Backer D, Christiaens T. Behandeling van urineweginfecties bij oudere vrouwen: 3 versus 7 dagen. Minerva 2005;4(7);106-7.
  5. Vogel T, Verreault R, Gourdeau M, et al. Optimal duration of antibiotic therapy for uncomplicated urinary tract infection in older women: a double-blind randomized controlled trial. CMAJ 2004;170:469-73.
  6. Grabe M, Bjerklund-Johansen TE, Botto H, et al. Guidelines on urological infections. Arnhem, The Netherlands: European Association of Urology (EAU); 2011.
  7. Scottish Intercollegiate Guidelines Network (SIGN). Management of suspected bacterial urinary tractinfection in adults. Edinburgh: SIGN; 2012. (SIGN publication no. 88). [July 2012].
  8. Nicolle LE. A practical guide to antimicrobial management of complicated urinary tract infection. Drugs Aging 2001;18:243-54.
  9. Drekonja DM, Rector TS, Cutting A, et al. Urinary tract infection in male veterans: treatment patterns and outcomes. JAMA Intern Med 2013;173:62-8.
  10. Kokkinos PF, Faselis C, Myers J, et al. Interactive effects of fitness and statin treatment on mortality risk in vetertans with dyslipidaemia: a cohort study. Lancet 2012;381:394-9.
Urineweginfecties bij mannen: maximum 7 dagen antimicrobiële therapie?



Commentaar

Commentaar